duizel_noord2 - kopie.png

Nieuwsberichten

Tachtig jaar en nog bezig met drie terabytes!

Op een regenachtige woensdagmorgen  kom ik bij de Fam. Spanjers omdat ik me afvraag hoe Leo Spanjers toch, elke week weer, die interessante pagina’s over het Duizels verleden weet te vullen.

Meteen als ik binnenkom valt mijn oog op een computer in de hoek van de kamer met twee aparte schermen en verschillende usb sticks, allemaal ingeplugd.

 Een hartelijk welkom met koffie en warme stroopwafel valt me ten deel. Leo begint direct te vertellen over hoe handig het is om meerdere schermen te hebben. En als het nodig is verdeelt hij ze in nog veel meer schermen. Ook de externe harde schijven komen ter sprake. Deze bevatten 3 terra bytes met gegevens. Dit zijn 500.000 pag. tekst en 400.000 foto’s. Vind dan je bestandje of foto, die je nodig hebt, nog maar eens terug. Knap hoor.

Hoe komt het dat hij zo veel over de geschiedenis van Duizel weet te vertellen?

“Dat komt door mijn nieuwsgierigheid’ zegt Leo direct. “Ik wil graag weten op wat voor manier wij hier in onze streek geworden zijn wat we zijn. Wie waren onze voorouders? Tot hoever kan ik ze herleiden, wat voor leven hadden ze?

De directe aanleiding was het lezen van het gildeboek. Daarin las ik dat in ± 1695 ene Jansen Reinier en Leonardus borg stonden voor het dak van de kerk van Duizel. De vader was Johannes  1665. Dit gezin was generatie no.1, het begin van hun stamboom”.

Leo gaat al 10 jaar lang elke donderdag met de bus naar het streekarchief in Eindhoven.  Natuurlijk heeft hij zijn laptop en zijn fotocamera met statief bij zich. Fotocamera? Die gebruikt hij om alles wat er te vinden is over Duizel, Steensel en Eersel (De drie Zaligheden) op foto te zetten en dan op te slaan op de externe harde schijven van de computer;  500.000 pagina’s tekst en 400.000 foto’s. Onvoorstelbaar! Natuurlijk is hij intussen goed bekend bij het archief. “Ik vertel wat ik wil fotograferen en dan geven de archivarissen mij hun index en kan ik beginnen. Daarom krijg ik ook toegang tot de archieven met de rode stickers.( Dat zijn kwetsbare archieven die gemakkelijk uit elkaar vallen). We zijn meestal met een groepje van  ± zes mensen, dat is gezellig en we wisselen natuurlijk ook informatie uit”.

Alles wat hij vindt zet hij in het programma HAZA 21 voor genealogie en delen daarvan in Efkes Duyselen.  Het is bijgewerkt tot een bepaalde datum,(1541 – 1795). Jaar voor jaar gaat hij verder; huwelijken, geboortes, overlijdens, taxaties en delingen en inventarissen, kopen en verkopen van onroerend goed.” Het moeilijkste zijn de verdelingen te achterhalen. Dit verdelen ging bijna altijd per lot; er waren b.v. vijf deelparten, maar je kunt er maar vier achterhalen, totdat je ontdekt dat het vijfde part aan een bastaard is toegedeeld en niet genoemd wordt. Ook het dialect is wel eens oorzaak van een zoektocht. Het vervormt de namen; b.v. van Oers  =  van Oerle of De Meus  = Bartholomeus. En ook de kloosters waren van invloed met hun latijn”.

 Leo geeft nog een paar mooie voorbeelden: Allerlei werktuigen werden verdeeld: ook een zadel  –kar –ploeg –eg, maar géén paard! Wat bleek: de boer bewerkte zijn land met 2 á 3 beesten, ook wel melkbeesten genoemd! Bij een boerenverdeling kwam je geen kruiwagen tegen, wel piepwagen. Dat was vreemd. Leo zocht op internet tussen 27000 geologische uitdrukkingen en kwam het woord pi page –piepwagen tegen; vermoedelijk de Vlaamse naam voor kruiwagen!

Alle riviertjes werden Aa genoemd en een sloot was een loop of waterleiding. De Stevert  (Steensel) dankt zijn naam aan een ondiepe plaats in De Run. Daar werden er stenen in gelegd, stevig gemaakt, om droogvoets aan de overkant te komen. De Stevert! Boevenheuvel  = Bovenheuvel.

Het kadaster bestaat sinds 1828. Eerder was er de schepenbank tot 1811, de gegevens hieruit koppelt Leo aan de gegevens uit het kadaster, maar er zit wel een gat tussen. Dat is dus puzzelen.

Trots is Leo op zijn boek SPANJERS DOOR DE EEUWEN HEEN. de hele geschiedenis van zijn familie, Spanjers, vanaf 1617 staat. Het is een dik boekwerk waaraan vijf jaar is gewerkt.

Hij zou samen met Driek Wintermans dit onderzoek gaan doen, maar helaas het mocht niet zo zijn.

Misschien heeft u nu een beetje een beeld gekregen op wat voor manier de twee pagina’s in Efkes Duyselen met de geschiedenis van Duizel tot stand komen.

Nog veel plezier met deze mooie hobby, Leo!

Antoinette Koolen.